Macht & leiderschap
Waarom je soms geen grenzen durft te stellen tegenover je manager
Je manager vraagt of je nog iets extra's kunt doen. Je agenda zit al vol, maar toch zeg je ja. Niet omdat je tijd over hebt. Misschien ben je bang om lastig gevonden te worden, je leidinggevende teleur te stellen of later kritiek te krijgen. Waarom kan een simpele grens op het werk zo ingewikkeld voelen?
Je wilt nee zeggen. Maar je zegt toch ja.
Het is donderdagmiddag.
Je hebt nog twee opdrachten die vandaag af moeten.
Je probeert je werkzaamheden af te ronden wanneer je leidinggevende naar je bureau loopt.
“Kun jij dit dossier er ook nog even bij pakken? Het zou fijn zijn als het vandaag lukt.”
Je kijkt naar je planning.
Eigenlijk weet je al dat het niet gaat passen.
Maar in plaats van dat te zeggen, antwoord je:
“Ja hoor, komt goed.”
Even later baal je van jezelf.
Waarom heb ik niet gewoon gezegd dat ik geen tijd heb?
Je probeert het extra dossier toch af te krijgen. Ondertussen lopen je andere werkzaamheden vertraging op.
En wanneer je naar huis gaat, denk je nog steeds aan alles wat niet is afgerond.
Wat hier interessant is: je wist misschien prima wat je grens was.
Je had alleen moeite om die grens uit te spreken.
Grenzen stellen gaat niet altijd over weten wat je wilt. Soms gaat het over wat je verwacht dat er gebeurt wanneer je dat zegt.
1. Waarom je manager anders voelt dan een collega
Stel dat een collega je vraagt om iets extra's te doen.
Je hebt geen tijd en zegt:
“Sorry, dat gaat vandaag niet lukken.”
Misschien vindt die collega dat jammer.
Maar het gesprek is voorbij.
Stel nu dat je leidinggevende precies dezelfde vraag stelt.
Dan kun je anders reageren.
Je manager bepaalt mogelijk welke taken je krijgt, beoordeelt je functioneren en heeft invloed op je werkmogelijkheden.
Daardoor kan een verzoek van je leidinggevende meer betekenis krijgen dan dezelfde vraag van iemand zonder die verantwoordelijkheden.
Je denkt misschien niet alleen aan de opdracht.
Je denkt ook aan hoe je antwoord wordt beoordeeld.
Kom ik ongemotiveerd over?
Denkt mijn manager dat ik niet flexibel ben?
Heeft dit straks gevolgen voor mijn beoordeling?
Die vragen hoeven niet allemaal terecht te zijn.
Maar ze kunnen wel meespelen in de afweging om iets te zeggen.
Binnen de arbeids- en organisatiepsychologie onderzoeken wetenschappers hoe medewerkers besluiten om zorgen, problemen en meningen richting mensen met een hogere positie kenbaar te maken.
Morrison beschrijft in haar wetenschappelijke review hoe werknemers verschillende afwegingen kunnen maken wanneer ze relevante informatie willen delen of juist besluiten te zwijgen. 1
Dat onderzoek gaat breder over het uitspreken van zorgen en ideeën, niet specifiek over iedere situatie waarin iemand een extra opdracht weigert.
Toch helpt het begrijpen waarom de sociale en organisatorische gevolgen van spreken op het werk een rol kunnen spelen.
Een grens aangeven is soms niet alleen een praktisch antwoord. Het kan ook voelen als een sociaal risico.
2. Waarom de reactie van je leidinggevende belangrijk is
Stel dat je een keer tegen je manager zegt:
“Ik heb vandaag onvoldoende tijd om deze opdracht erbij te doen.”
Je manager antwoordt:
“Dank voor je eerlijkheid. Welke werkzaamheden staan er nog open? Dan bepalen we samen wat prioriteit heeft.”
Zo'n reactie geeft ruimte om de situatie te bespreken.
Maar stel dat je manager reageert met:
“Ik dacht dat jij wel iemand was die flexibel kon zijn.”
Dat is een andere ervaring.
Misschien ga je een volgende keer voorzichtiger worden.
Niet omdat je plotseling meer tijd hebt.
Maar omdat je verwacht dat het aangeven van een grens opnieuw tot een ongemakkelijke reactie kan leiden.
Detert en Burris onderzochten in een grote studie onder medewerkers en managers van een restaurantketen hoe leidinggevend gedrag samenhing met het uitspreken van ideeën en zorgen door werknemers. 2
Zij vonden dat openheid van leidinggevenden samenhing met meer verbetergericht spreken door medewerkers. In hun model speelde ervaren psychologische veiligheid een verklarende rol.
Dat onderzoek laat niet zien dat één onprettige reactie ervoor zorgt dat iemand voortaan geen grenzen meer stelt.
Ook onderzocht het niet rechtstreeks alle situaties waarin medewerkers verzoeken weigeren.
Maar het ondersteunt wel de gedachte dat de manier waarop leidinggevenden reageren relevant kan zijn voor de risico's die werknemers ervaren wanneer ze iets bespreekbaar maken.
Daarom is het belangrijk om niet alleen te kijken naar de vraag die een manager stelt.
Ook de ruimte die iemand krijgt om eerlijk te antwoorden, doet ertoe.
Wanneer een eerlijk antwoord bespreekbaar blijft, wordt het gemakkelijker om werkdruk en verwachtingen op tijd aan te kaarten.
3. Waarom harder werken niet altijd de oplossing is
Stel dat je iedere week extra werkzaamheden oppakt.
Een collega is ziek.
Een klant heeft haast.
Er moet een rapport worden afgerond.
Je probeert behulpzaam te zijn.
Dus verschuif je steeds je eigen planning.
Na verloop van tijd merk je dat je nauwelijks nog toekomt aan je oorspronkelijke taken.
Misschien denk je:
Ik moet gewoon beter plannen.
Dat kan in sommige situaties waar zijn.
Maar niet ieder planningsprobleem is individueel op te lossen.
Binnen het Job Demands-Resources-model maken Bakker en Demerouti onderscheid tussen werkeisen en hulpbronnen. 3
Werkeisen zijn onderdelen van het werk die lichamelijke, mentale of emotionele inspanning vragen.
Hulpbronnen kunnen bijvoorbeeld bestaan uit ondersteuning, autonomie en voldoende mogelijkheden om werkzaamheden uit te voeren.
Een hoge werkbelasting hoeft niet automatisch schadelijk te zijn.
Soms is een drukke periode tijdelijk, overzichtelijk en goed op te vangen.
Maar wanneer het werk blijft toenemen zonder passende ondersteuning, tijd of beslisruimte, kan er een probleem ontstaan.
Denk aan iemand die voor vijf opdrachten verantwoordelijk wordt gehouden, terwijl er realistisch maar tijd is voor drie.
Je kunt dan proberen sneller te werken.
Maar misschien moeten er ook keuzes worden gemaakt over welke werkzaamheden werkelijk prioriteit hebben.
Dat is geen kwestie van motivatie alleen.
Het gaat ook om de verhouding tussen wat er gevraagd wordt en wat er beschikbaar is om dat werk uit te voeren.
Een grens kan daarom ook informatie zijn over de uitvoerbaarheid van het werk.
Je zegt niet noodzakelijk dat je niet wilt helpen.
Je maakt duidelijk welke gevolgen een extra opdracht heeft voor andere verantwoordelijkheden.
4. Niet iedere extra opdracht is onredelijk
Er zit nog een belangrijk onderscheid in het stellen van grenzen.
Stel dat je manager je vraagt tijdelijk een collega te ondersteunen.
Die collega is onverwacht uitgevallen.
Jij hebt ervaring met de werkzaamheden en kunt een deel overnemen.
Dan kan het verzoek heel redelijk zijn.
Werk vraagt soms flexibiliteit en samenwerking.
Maar stel dat je voortdurend taken krijgt die niet nodig lijken of die niet redelijk passen bij wat van jouw functie verwacht kan worden.
Bijvoorbeeld wanneer je steeds verantwoordelijk wordt gehouden voor problemen waarvoor je geen bevoegdheden of middelen hebt.
Of wanneer werkzaamheden telkens worden toegevoegd zonder dat andere verplichtingen worden aangepast.
Onderzoekers Semmer en collega's bestudeerden illegitimate tasks: taken die werknemers als onnodig of onredelijk kunnen ervaren binnen hun beroepsrol. 4
In hun onderzoek vonden zij verbanden tussen zulke taakervaringen en verschillende vormen van stress en verminderd welzijn.
De studies laten niet zien dat iedere extra opdracht een onrechtmatige of onredelijke taak is.
Ook is illegitimate tasks een psychologisch onderzoeksbegrip, geen juridische kwalificatie waarmee je automatisch kunt bepalen of een opdracht geweigerd mag worden.
Dat onderscheid is essentieel.
Een taak kan buiten je gebruikelijke werkzaamheden vallen en toch redelijk zijn.
En een taak kan formeel bij je functie horen, maar door de hoeveelheid werk of omstandigheden moeilijk uitvoerbaar worden.
Daarom moet je niet alleen vragen:
Hoort dit wel bij mijn functie?
Maar ook:
Waarom is deze taak nodig, wat wordt er precies verwacht en wat betekent dit voor mijn andere werkzaamheden?
Zo onderzoek je de proportionaliteit en uitvoerbaarheid van een verzoek zonder meteen een definitief oordeel te vormen over de bedoelingen van je manager.
5. Waarom je soms ja zegt terwijl je nee bedoelt
Stel dat je leidinggevende een extra verzoek doet.
Je voelt meteen dat je weinig ruimte hebt.
Toch zegt een stemmetje in je hoofd:
Als ik nu nee zeg, stel ik iemand teleur.
Of:
Misschien denken ze dat ik mijn werk niet aankan.
Misschien heb je eerder meegemaakt dat kritiek geven of grenzen aangeven niet prettig werd ontvangen.
Misschien wil je graag laten zien dat je betrouwbaar bent.
Of misschien vind je de opdracht zelf belangrijk en wil je anderen niet laten zitten.
Dat zijn verschillende mogelijke verklaringen.
Je kunt niet uit iemands instemming afleiden welke motivatie werkelijk meespeelt.
Onderzoek naar werknemers die zorgen uitspreken of achterhouden, maakt duidelijk dat zwijgen niet simpelweg hetzelfde is als geen mening hebben. 1
Maar er is ook een belangrijk verschil tussen zwijgen en daadwerkelijk instemmen.
Wanneer je ja zegt, creëer je soms een concrete verwachting.
Je manager kan aannemen dat je de opdracht uitvoerbaar vindt.
De volgende keer kan diezelfde hoeveelheid werk opnieuw worden gevraagd.
Niet noodzakelijk omdat iemand bewust misbruik van je maakt.
Mogelijk ook omdat de gevolgen van eerdere verzoeken onvoldoende zichtbaar waren.
Daarom is de vraag niet alleen:
Waarom durf ik geen nee te zeggen?
Maar ook:
Welke informatie over mijn beschikbare tijd en verantwoordelijkheden blijft onbesproken wanneer ik automatisch ja zeg?
Dat kan een nuttiger vertrekpunt zijn dan jezelf verwijten dat je niet assertief genoeg bent.
Soms begint grenzen stellen niet met harder nee zeggen, maar met duidelijker laten zien wat er werkelijk mogelijk is.
6. Hoe geef je een grens aan zonder meteen een conflict te beginnen?
Stel dat je manager vraagt of je vandaag nog een extra dossier kunt afronden.
Je hoeft niet meteen te antwoorden:
“Nee, dat is niet mijn probleem.”
Je kunt beginnen met de feitelijke situatie.
Bijvoorbeeld:
“Ik heb vandaag nog twee opdrachten die af moeten. Als dit dossier voorrang krijgt, schuift een van die opdrachten door naar morgen. Welke heeft prioriteit?”
Daarmee zeg je niet dat je nooit extra werk wilt doen.
Je maakt zichtbaar dat er een keuze nodig is.
Een andere mogelijkheid:
“Ik kan dit oppakken, maar niet naast mijn huidige planning. Wat kunnen we uitstellen?”
Of wanneer je onvoldoende informatie hebt:
“Wanneer moet dit precies af zijn? Dan kan ik beoordelen of het naast mijn andere werkzaamheden past.”
En wanneer je een grens rond je beschikbaarheid wilt bespreken:
“Ik ben na werktijd niet standaard beschikbaar. Hoe regelen we urgente zaken en wie is daarvoor bereikbaar?”
Dat zijn voorbeelden van zakelijke communicatie, geen wetenschappelijk bewezen standaardscripts.
Niet iedere organisatie heeft dezelfde afspraken over beschikbaarheid, bereikbaarheid of het verdelen van werkzaamheden.
Bij urgente taken, afgesproken bereikbaarheidsdiensten, veiligheid of wettelijke verplichtingen kunnen andere verantwoordelijkheden gelden.
Daarom is het verstandig om rekening te houden met de werkcontext en geldende afspraken.
Maar de psychologische gedachte is eenvoudig.
Een grens hoeft geen persoonlijke afwijzing van je manager te zijn. Ze kan een duidelijke uitleg zijn van wat haalbaar is.
Het helpt daarbij om drie zaken uit elkaar te houden.
Wat wordt gevraagd?
Bijvoorbeeld: een extra dossier vandaag afronden.
Wat is mogelijk?
Bijvoorbeeld: één extra taak uitvoeren als een andere deadline verschuift.
Welke beslissing is nodig?
Bijvoorbeeld: samen bepalen welke opdracht voorrang krijgt.
Met die informatie hoeft het gesprek niet alleen te gaan over de vraag of jij wel of niet wilt meewerken.
Het gaat over de organisatie van het werk.
7. Wat als je manager je grens niet accepteert?
Stel dat je duidelijk uitlegt waarom je de extra opdracht niet kunt afronden.
Je manager blijft aandringen.
“Ik verwacht gewoon dat je flexibel bent.”
Wat nu?
Het is verleidelijk om meteen te concluderen:
Mijn manager respecteert mij niet.
Dat kan een mogelijke interpretatie zijn.
Maar één reactie vertelt je nog niet alles over de bedoeling van de ander.
Misschien bestaat er werkelijk een urgente organisatorische noodzaak.
Misschien denkt je leidinggevende dat je meer ruimte hebt dan je hebt aangegeven.
Of misschien wordt structureel onvoldoende rekening gehouden met de hoeveelheid werk.
Daarom is het belangrijk om te kijken wat er vervolgens gebeurt.
Worden prioriteiten besproken?
Krijg je ondersteuning?
Mag een andere deadline verschuiven?
Of wordt er steeds meer werk toegevoegd terwijl alle oorspronkelijke verwachtingen blijven staan?
Wanneer dat laatste regelmatig gebeurt, kan er een patroon van moeilijk uitvoerbare verwachtingen ontstaan.
Dan is het nuttig om concrete afspraken vast te leggen.
Bijvoorbeeld:
“Zoals besproken pak ik dossier A vandaag op. Daardoor rond ik dossier B morgen af. Laat het weten als de prioriteit anders moet zijn.”
Zo leg je niet de intentie van de ander vast.
Je verduidelijkt alleen welke werkzaamheden zijn afgesproken en wat de gevolgen zijn voor de planning.
Wanneer het aangeven van je grenzen structureel negatieve gevolgen heeft, of wanneer werkbelasting je gezondheid en functioneren duidelijk beïnvloedt, kan het verstandig zijn passende ondersteuning te zoeken.
Denk afhankelijk van de situatie aan een andere leidinggevende, HR, een vertrouwenspersoon, de bedrijfsarts of deskundig arbeidsrechtelijk advies.
Ook is het belangrijk om bestaande verplichtingen niet zomaar te negeren. Een psychologisch inzicht over grenzen stellen bepaalt niet automatisch wat je arbeidsrechtelijk mag weigeren.
De beste vervolgstap hangt af van de concrete omstandigheden.
Een grens aangeven vraagt soms moed. Maar een werkbaar systeem vraagt ook dat leidinggevenden eerlijk kunnen omgaan met informatie over belasting en haalbaarheid.
Grenzen stellen gaat niet alleen over nee zeggen
Misschien herken je het.
Je weet dat je agenda vol zit.
Je wilt geen extra taken aannemen.
Maar wanneer je manager iets vraagt, zeg je toch ja.
Later vraag je jezelf af waarom je niet duidelijker was.
Het kan helpen om dan verder te kijken dan alleen je eigen reactie.
Welke verwachtingen spelen mee?
Ben je bang voor een negatieve beoordeling?
Krijg je voldoende ruimte om werkdruk bespreekbaar te maken?
En zijn de taken die je krijgt eigenlijk haalbaar binnen de beschikbare tijd?
Psychologisch onderzoek naar werknemers die zich uitspreken, leidinggevend gedrag, werkbelasting en onredelijk ervaren taken helpt om die vragen beter te begrijpen.
Maar het geeft geen eenvoudige formule waarmee je ieder verzoek of iedere leidinggevende kunt beoordelen.
Soms is een extra taak redelijk en tijdelijk.
Soms helpt een duidelijke afspraak.
En soms is de werkbelasting structureel zo georganiseerd dat individuele grenzen alleen niet voldoende zijn.
Daarom is de belangrijkste vraag misschien niet:
“Hoe leer ik eindelijk gewoon nee zeggen?”
Maar:
“Wat wordt er van mij verwacht, wat is daadwerkelijk haalbaar en hoe kan ik dat duidelijk bespreken?”
Grenzen stellen betekent niet dat je minder betrokken bent bij je werk. Het kan juist helpen om verantwoordelijkheid te nemen voor wat je realistisch en zorgvuldig kunt uitvoeren.
Dit artikel vertaalt arbeids- en organisatiepsychologisch onderzoek naar fictieve, herkenbare werksituaties. De genoemde studies onderzochten bredere mechanismen en niet iedere specifieke voorbeeldzin of grensstellingssituatie. Het artikel biedt geen individuele psychologische diagnose, geen gevalideerde assertiviteitstest en geen juridisch of medisch advies.
VERDER DAN DE TEKST
Bronnen & verantwoording
De verwijzingen in de tekst leiden naar de onderstaande bronnen.
- Employee voice and silence.
Morrison, E. W. · 2014 · Annual Review of Organizational Psychology and Organizational Behavior, 1, 173–197.
Terug naar de tekst ↑ - Leadership behavior and employee voice: Is the door really open?
Detert, J. R., & Burris, E. R. · 2007 · Academy of Management Journal, 50(4), 869–884.
Terug naar de tekst ↑ - The Job Demands-Resources model: State of the art.
Bakker, A. B., & Demerouti, E. · 2007 · Journal of Managerial Psychology, 22(3), 309–328.
Terug naar de tekst ↑ - Illegitimate tasks as a source of work stress.
Semmer, N. K., Jacobshagen, N., Meier, L. L., Elfering, A., Beehr, T. A., Kälin, W., & Tschan, F. · 2015 · Work & Stress, 29(1), 32–56.
Terug naar de tekst ↑
Meer context. Meer perspectief.
Alle artikelen